Levelt Cyberraad
Geachte lezer van deze blog, Welkom in mijn digitale huiskamer, hier op blogger.com. Sinds de gemeente Tilburg mijn politiedossier verwijderde tegen mijn ex-baas in december 2020, kan mijn digitale voordeur niet meer op slot. Mijn persoonsgegevens en mijn digitale identiteit worden structureel misbruikt door cyberstalkende anonieme burgers. Daarom schrijf ik brieven. De onderstaande brief betreft de confiscatie van mijn digitale apparaten.
********
Tilburg, 24 mei 2025
College van Procureurs-generaal
Postbus 20302
2500 EH Den Haag
Betreft: Verzoek tot heronderzoek naar structurele veronachtzaming van aangiftes en burgerbescherming door het parket Zeeland-West-Brabant
Geacht College,
Met deze brief verzoek ik u dringend om een diepgaand en onafhankelijk heronderzoek te gelasten naar de wijze waarop het Openbaar Ministerie Zeeland-West-Brabant, in samenwerking met de politie, in de periode december 2020 tot mei 2022 is omgegaan met mijn meldingen van digitale stalking, cybercrime en bestuurlijke intimidatie. Ook verzoek ik u de rechtmatigheid van mijn opsluiting van 26 op 27 oktober 2021 te beoordelen, evenals het confisqueren van mijn digitale apparaten.
1. Onverklaarde opsluiting en inbeslagname apparatuur
De betrokken politieagenten gaven aan dat zij zelf niet wisten waarom ik werd aangehouden, en verklaarden dat de opdracht “vanuit het OM” kwam. Er werd geen juridische grondslag genoemd, en ik ontving geen concrete verdenking of formele aanklacht.
Wat deze gebeurtenis extra zorgwekkend maakt, is dat ik op het moment van arrestatie recent drie e-mails had gestuurd met daarin cruciale informatie over mijn situatie, evenals foto’s van het weekend voorafgaand aan de opsluiting die mijn fysieke en mentale gesteldheid bevestigden. Deze gegevens hadden eenvoudig kunnen aantonen dat ik geen risico of bedreiging vormde. Toch vormden zij kennelijk geen aanleiding voor de officier van justitie om de inschatting van de maatregel te herzien. Waarom niet?
Ik verzoek het College daarom expliciet om te onderzoeken:
· Op basis van welke rechtsgrond ik ben aangehouden en vastgehouden.
· Welke concrete verdenking of informatie ten grondslag lag aan de maatregel.
· Waarom de inhoud van cruciale e-mails en beeldmateriaal door het OM niet is meegenomen bij de afweging.
· Of de gang van zaken in strijd was met het EVRM (art. 5) en de Nederlandse Grondwet.
2. Structureel negeren van aangiftes en digitale stalking
Zoals eerder gemeld in mijn correspondentie, wordt er door de betrokken officier van justitie en een medewerkster van de recherche en onderzoek structureel geen gevolg gegeven aan aangiftes en meldingen van digitale stalking, identiteitsmisbruik en cybercrime. Deze vormen van misbruik — gepleegd met mijn persoonsgegevens en digitale identiteit — blijven onbestraft en worden niet onderzocht. De schade aan mijn veiligheid, welzijn en reputatie is aanzienlijk.
3. Ongeoorloofde inmenging bestuur van de gemeente Tilburg
Ik verzoek u te toetsen op welke gronden en met welk mandaat de betreffende officier van justitie bestuurlijke ambtenaren heeft betrokken bij mijn aangifte en het strafproces tegen mij. Deze inmenging vond plaats terwijl ik als burger een conflict beschreef met mijn ex-werkgever. Het betrekken van een wethouder in een dergelijke zaak schept niet alleen rechtsongelijkheid, maar wekt tevens de indruk van bestuurlijke netwerkcorruptie.
Bovendien bestaat er een relevant historisch context: al in 2014 verschenen er berichten over cybercrime gepleegd door haar echtgenoot, de in opspraak geraakte wetenschapper Diederik Stapel. Deze achtergrond had moeten leiden tot grotere bestuurlijke terughoudendheid.
4. Verontrustende interventie coördinatie Veilige Publieke Taak
Tot slot verwijs ik naar een ‘stopgesprek’ dat ik op initiatief van de gemeente Tilburg in december 2020 moest ondergaan. In dat gesprek werd mij verboden te schrijven over pestgedrag op de werkvloer, maar ook over zelfdoding en het herkennen van signalen daarvan — onderwerpen die ik zorgvuldig en maatschappelijk verantwoord aankaartte in mijn blog.
Toen ik deze coördinator vroeg om bijstand vanwege groeiende harddrugsoverlast in mijn woonwijk, antwoordde hij: “Jij zoekt de donkere kant op hè?” — een opmerking die ik als denigrerend en stigmatiserend ervoer. Inmiddels blijkt dat mijn politieklacht op zijn initiatief van de gemeente Tilburg is verwijderd, naar verluidt in opdracht van mijn ex-baas en enkele bestuurders. Ik heb de betreffende bestuurders nooit persoonlijk daarover kunnen aanspreken. Integendeel. Zij startten strafvervolgingen tegen mij. Dit roept ernstige vragen op over de integriteit van het lokale VPT-beleid en de omgang met kwetsbare melders.
Verzoek
Gelet op het bovenstaande verzoek ik het College van Procureurs-generaal:
1. Een intern onderzoek te starten naar de handelswijze van de officier van justitie en de recherchemedewerkster uit Zeeland-West-Brabant.
2. De rechtmatigheid van mijn arrestatie op 26 oktober 2021 en de bijbehorende inbreuk op mijn leven en privacy te toetsen.
3. Te verklaren waarom cruciale informatie die mijn onschuld onderbouwde, werd en wordt genegeerd.
4. Te onderzoeken waarom een politiek bestuurder werd betrokken bij een burgerlijke aangifte en rechtszaak.
5. Te beoordelen in hoeverre er sprake is van belangenverstrengeling of netwerkcorruptie.
6. Te toetsen of het optreden van de VPT-coördinatie in Tilburg in lijn is met landelijk beleid en rechtsstatelijke beginselen.
7. Veroordeling op 13 mei 2022 en gevolgen van contactverbod
Op 13 mei 2022 ben ik veroordeeld door een politierechter in een strafzaak die voortvloeide uit mijn blogpublicaties. Mijn cultuurkritiek en persoonlijke uitingen van angst en frustratie, gericht op jarenlange digitale groepsstalking en pestgedrag vanuit een voormalig werknetwerk, werden in de uitspraak bestempeld als smaad en laster. De rechtbank legde mij een contactverbod op ten aanzien van zowel mijn voormalige werkverschaffer als een bestuurder. Daarnaast werd ik veroordeeld tot het betalen van € 1500,- schadevergoeding aan mijn ex-baas en het verrichten van een taakstraf van 60 uur.
De uitvoering van dit contactverbod leidde vrijwel onmiddellijk tot een situatie die ik als intimiderend en absurd heb ervaren. Amper drie weken na de uitspraak, werd de betreffende politicus bestuurder van mijn woonwijk. Op dat moment kwam zij een publieke manifestatie openen in mijn directe leefomgeving — een evenement georganiseerd door mijn buurvrouw, waarvoor ook ik was uitgenodigd, maar waar ik niet bij mocht zijn vanwege het opgelegde contactverbod. Het evenement vond plaats op loopafstand van mijn voordeur.
Ik ervoer deze actie als een doelbewuste vorm van stalking en bestuurlijke pesterij. De bestuurder had tussen 2014 en 2019 nooit gereageerd op mijn uitnodigingen voor samenwerking in het kader van Stichting Starwink, een non-profit initiatief dat op dat moment maatschappelijke erkenning kreeg voor het organiseren van laagdrempelige educatieve acties voor jongeren met minder kansen.
Mijn kritische melding op Twitter, waarin ik het bestuurlijke optreden als pesterige stalking bestempelde, leidde prompt tot een nieuwe politieaangifte en een zaak voor de meervoudige strafkamer in mei 2023.
De situatie escaleerde verder in mijn beleving toen de bestuurder, direct na de zitting in mei 2023, wederom in mijn wijk verscheen om met secretaresses deel te nemen aan een “moorddiner”, waarvan de promotie visueel verwees naar een projectposter van Stichting Starwink waarop mijn zusje en ik als meisjes waren afgebeeld. Deze symboliek — in combinatie met het juridische geweld van het contactverbod en de opeenvolgende strafprocedures — heeft mijn gevoel van veiligheid, rechtvaardigheid en waardigheid diepgaand ondermijnd.
Aanvullende verzoeken:
- Te onderzoeken tot op welk niveau het optreden van de bestuurder na het uitgesproken contactverbod in mei 2022 in strijd is met de geest van dat verbod en of haar optreden kan worden aangemerkt als provocatief, pesterig of intimiderend richting een inwoner van haar wijk.
- Te beoordelen in hoeverre het gebruik van een strafrechtelijk instrumentarium (zoals contactverboden en opeenvolgende aangiften) in deze zaak proportioneel was, dan wel of dit in de praktijk resulteerde in een instrumentalisering van het strafrecht door personen met een bestuurlijke positie.
Te onderzoeken of de officier van justitie die op 13 mei 2022 optrad uit naam van het Openbaar Ministerie parket Zeeland West- Brabant woonachtig is in Bergen op Zoom. De langjarige digitale stalking waar ik slachtoffer van ben vindt structureel 's avonds en 's nachts plaats, en heeft aantoonbare verbanden met digitale activiteiten afkomstig uit Bergen op Zoom.
Waarom het Openbaar Ministerie een politierechter heeft ingezet die aantoonbaar behoort tot het Tilburgse bestuurlijke professionele netwerk. Dit is juridisch laakbaar en ernstig te noemen, omdat het de schijn van partijdigheid wekt en afbreuk doet aan het vertrouwen in de rechterlijke onafhankelijkheid. Het is in strijd met de vereisten van een eerlijke procesgang en versterkt het beeld van netwerkcorruptie en belangenverstrengeling binnen deze zaak.
Ik wijs u erop dat ik reeds een artikel 12 Sv-procedure ben gestart. Deze brief dient ter onderbouwing en versterking van mijn verzoek tot onafhankelijk onderzoek naar ernstige tekortkomingen in mijn rechtsbescherming.
Bijlagen: vier
Met hoogachting,
Cora Westerink Alumna Tilburg University
Energieplein 18
5041 NH, Tilburg
Stichting Starwink, kunst voor kinderen en jongeren met minder kansen, 2007-heden,
KvK 18087833
Stalking & Cybercrime in this WordPress, first lines





Reacties